Grotere Kans op Jongen bij IVF

Uit Australisch onderzoek blijkt dat koppels die gebruik maken van IVF een grotere kans hebben op het krijgen van een jongen. Bij IVF worden een of meerdere eicellen van de vrouw buiten haar lichaam bevrucht met zaadcellen. Daarna worden de ontstane embryo’s teruggeplaatst in de baarmoeder.

Voor de studie werd er gekeken naar bijna 14.000 geboortes. Deze groep bestond uit alle baby’s geboren tussen 2002 en 2006 met behulp van diverse vruchtbaarheidsmethoden in Australië en Nieuw-Zeeland.

De kans op een jongen als een vrouw op natuurlijke manier zwanger wordt, is ongeveer 51 op 100 baby’s. De onderzoekers vonden dat bij IVF de kans op een jongen stijgt naar 56 op 100 baby’s. Maar bij ICSI, een andere vruchtbaarheidstechniek, bleek een iets grotere kans op een meisje. Bij ICSI wordt één spermacel geselecteerd voor het bevruchten van een eicel. Deze methode geeft gemiddeld 51 procent kans op een meisje, in vergelijking met 49 procent bij een natuurlijk bevruchting.

De onderzoekers benadrukken dat aanstaande ouders hun keuze niet moeten laten afhangen van een mogelijke voorkeur voor geslacht. Ze kunnen de juiste procedure beter selecteren op de maximale kans voor een succesvolle zwangerschap.



Referentie
1. J. Dean, M. Chapman and E. Sullivan. The effect on human sex ratio at birth by assisted reproductive technology (ART) procedures – an assessment of babies born following single embryo transfers, Australia and New Zealand, 2002–2006. BJOG 2010; DOI: 10.1111/j.1471-0528.2010.02731.x.

Reacties